Historie

Reformatie, Nadere reformatie, Afscheiding. Na de Afscheiding van 1834, begonnen in Ulrum (Gr.) met ds. Hendrik de Cock, raakte ons land kerkelijk verdeeld. Blijven in de Nederlandse Hervormde Kerk waarin het Verlichtingsdenken meer en meer gestalte kreeg en de Schriftuurlijk-bevindelijke waarheid steeds meer op de achtergrond raakte- uitzonderingen daargelaten- was voor velen geen optie meer. Bij nader inzien voelden velen zich ook weer niet thuis bij de Afscheiding, de Christelijke Afgescheiden gemeenten. Er ontstonden andere groeperingen. Twee ervan mogen we beschouwen als de bronnen waaruit in 1907 het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten is ontstaan. Daar waren de zogenaamde Gereformeerde Gemeenten onder ’t Kruis en de naar ds. L.G.C. Ledeboer genoemde Ledeboeriaanse gemeenten. De Kruisgemeenten hadden ds. Cornelis van den Oever (1802-1877) als leidende figuur, de Ledeboerianen volgden Lambertus Cornelis Gerardus Ledeboer (1808-1863). De Kruisgemeenten voelden niets voor aansluiting bij de Christelijke Gereformeerde Kerk, die in 1869 was ontstaan door een samengaan van de Christelijke Afgescheiden Gemeenten en de Gereformeerde Kerk onder het Kruis. De Ledeboeriaanse Gemeenten bestonden uit volgelingen van ds. Ledeboer, die in 1840 werd geschorst als predikant van de Nederlandse Hervormde Kerk te Benthuizen.

Er trad begin twintigste eeuw toenadering tussen Ledeboerianen en Kruisgemeenten op. Beide groepen hamerden op hetzelfde aambeeld. Leerstellig was er geen verschil. Wel in uiterlijke vorm: de Ledeboerianen droegen het oude ambtsgewaad, bestaande uit kuitbroek, mantel, bef en steek (de driekantige hoed). Ook waren ze gehecht aan de psalmberijming van Petrus Datheen. De Kruisgemeenten daarentegen droegen het oude ambtsgewaad niet en hadden ook niets met de psalmberijming van Datheen. Toch waren er veel punten van overeenstemming. Het kon gebeuren dat predikanten van beide richtingen in preekbeurten voorgingen in de gemeenten waartoe zij niet behoorden. Er werden pogingen in het werk gesteld om tot kerkelijke eenheid te komen. Die mislukten aanvankelijk; het was toen Gods tijd nog niet. Die pogingen werden herhaald en leidden in de zomer van 1907 tot het begeerde resultaat. Onder de bezielende leiding van ds. G.H. Kersten (1882-1948) maar vooral onder Gods genadige leiding werd de weg geëffend tot het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten, hoewel helaas een aantal Ledeboeriaanse Gemeenten deze stap niet maakten en als Oud Gereformeerde Gemeenten verder gingen. Ds. Laurus Boone (1860-1935) was in dit verband toonaangevend.

Het ontstaan van de Gereformeerde Gemeenten neemt niet weg dat er nog langere tijd sprake was van ‘bloedgroepen’. Dat manifesteerde zich o.a. in het blijven zingen van de berijming van Datheen in een aantal van origine Ledeboeriaanse gemeenten.

Ds. Kersten deed een heldere uitspraak toen hij terugblikte op ‘de Vereniging van 1907’: “Onze gemeenten zijn niet saamgeregen, maar saamgegroeid.” Het verschil? Rijgen is mensenwerk, groeien komt alleen van God.

Het prille kerkverband van 1907 had ook een zekere aantrekkingskracht tot enkele Vrije Gereformeerde Gemeenten, die zich daarbij aansloten. Samensprekingen met zowel de Gereformeerde Kerken in Nederland alsook de Christelijke Gereformeerde Kerken, op beider initiatief, hebben geen vervolg gekregen. “Een jong boompje kan nog niet vele stormen verdragen”, zei ds. Kersten hierover.

Aderlatingen bleven niet uit. In 1930 verlieten de predikanten J. en D.C. Overduin ons kerkverband. Grootschaliger was de droeve kerkscheuring in 1953 toen de Gereformeerde Gemeenten in Nederland ontstonden. Toen traden vijf predikanten uit; in 1956 traden nog twee predikanten tot dit kerkverband toe.

Vanaf het begin in 1907 was er een nauwe samenwerking met gemeenten overzee. Over en weer werden en worden nog steeds predikanten uit de Verenigde Staten van Noord-Amerika en Canada beroepen. Deze gemeenten vormen de Netherlands Reformed Congregations. Daarnaast is en een gemeente in Zuid-Afrika en in Nieuw-Zeeland.

Ons kerkverband kent een groot aantal activiteiten. Er zijn diverse deputaatschappen werkzaam. Zending en Evangelisatie, (participatie in) onderwijs vanaf basisschool tot hoger onderwijs op gereformeerde grondslag en tal van aanverwante organisaties op breed maatschappelijk terrein zoals ouderenzorg etc. vragen veel aandacht en de benodigde financiën.

De opleiding tot predikant is een vierjarige en wordt gegeven aan de Theologische School, gevestigd te Rotterdam.

Het kerkverband houdt zich aan de bepalingen die zijn vastgesteld tijdens de Nationale Synode, te Dordrecht gehouden, 1618-1619, de zogenaamde Dordtse Kerkorde (DKO).

Er is nog heel veel meer te melden. Het belangrijkste is de grondslag van ons kerkverband, die gebaseerd is op het onfeilbaar Woord van God en de Drie Formulieren van Enigheid.

Agenda

Voor alle genoemde data geldt Deo volente

zo 1 januari 2017 Ds. P. Melis neemt afscheid van Ermelo.
wo 11 januari 2017 Bevestiging en intrede van ds. P. Melis, te Oud-Beijerland.
wo 11 januari 2017 Ds. A. Schreuder neemt afscheid van Rijssen-Zuid.
wo 18 januari 2017 Bevestiging (door ds. C.A. van Dieren) en intrede van ds. A. Schreuder, te Beekbergen (locatie: Loolaankerk, Apeldoorn). Aanvang diensten: 14.30 en 19.00 uur.
wo 25 januari 2017 Generale synode te Utrecht (dag 5). Aanvang 10.00 uur.
Alle agenda items

Actueel

Ds. G.W.S. Mulder te Zoetermeer is tot voorzitter gekozen van de Zending Gereformeerde Gemeenten (ZGG). Hij volgt daarmee ds. G.J.N. Moens (Lisse) op die voorzitter was vanaf 2008.